Terug naar overzicht

Ondernemersverhaal: “Pijnlijke confrontaties? Ga ze aan!”

Toen Menno met drie compagnons een bedrijf startte, wist hij niets van ondernemen. Hij was eigenwijs, dacht dat hij het beter kon dan anderen en stond helemaal niet stil bij zaken als cashflow, businessmodel, continuïteit en groeistrategie. Dat was aanvankelijk ook niet nodig, want het bedrijf draaide meteen uitstekend. Het ging daarna echter ook snel weer bergafwaarts. Twee compagnons werden uitgekocht en Menno ging door met alleen zijn vroegere baas, een goede vriend van bijna 30 jaar ouder. Ondanks alle inspanningen van de twee bleef het bij voortkabbelen, veel groei zat er niet in. Dat stuitte Menno tegen de borst. Maar dat was nog maar het begin van een hele rij worstelingen en frustraties. ‘De vrouw van mijn compagnon overleed. Daardoor raakte hij opgebrand. Ik heb hem bijna een jaar de tijd gegeven om zijn weg weer te vinden, maar dat lukte hem niet. Hij deed feitelijk niets meer, maar kreeg wel net als ik elke maand een fee. Die fees trokken een zware wissel op het bedrijfje. Ik kwam er niet veel verder mee. Ik kon geen taken afstoten, geen mensen aannemen. Ik deed dus bijna alles zelf. Natuurlijk wist ik dat hij het privé zwaar had, maar ik begon me te storen aan het feit dat ik klem zat in mijn zakelijke ontwikkeling.’

Na een jaar vindt Menno het welletjes. Hij vindt dat zijn compagnon weer aan de slag moet. ‘Dat wilde hij ook wel, maar het lukte hem niet. Ik had zelf enorm veel geleerd en zag ineens de tekortkomingen van mijn mentor. Samen doorgaan zag ik niet meer zitten, maar hij was ook een goede vriend die mij een andere kant van het leven had laten zien. Als ik zou weggaan, dan zou het bedrijf binnen een jaar kapot zijn. Maar als hij zou vertrekken, dan kon ik hem niet veel geld meegeven. Hij zat privé diep in de schulden, had geen pensioen, kon slecht met geld omgaan. Het was een duivels dilemma waar ik heel lang mee heb geworsteld. Veel te lang. Ik probeerde van alles, klampte me aan allerlei dingen vast om die pijnlijke beslissing niet te hoeven nemen. Zo bleven we anderhalf jaar doormodderen.’

De frustraties lopen bij Menno almaar verder op. Tot hij bij een diner met andere ondernemers ineens het licht ziet. ‘Ik begreep: ik ben niet voor hem verantwoordelijk. Goed, hij heeft mij het ondernemen laten zien, maar daarna heb ik zakelijk veel voor hem betekend. Zonder mij was het bedrijf er al niet meer geweest, had hij die fee niet gehad. Het is klaar nu. Ik doe mezelf tekort en hem misschien ook wel.’ Menno heeft zijn besluit genomen. Maar hoe nu verder? Hij kan het vertrek van zijn compagnon niet eisen en wil zelf ook niet vertrekken. Daarbij wil hij ook de goede band met zijn compagnon niet op het spel zetten. ‘Ik heb hem uiteindelijk een brief geschreven waarin ik al mijn gevoelens op een rijtje zette. Die kwam uit het hart. We zijn diezelfde middag nog om tafel gegaan en waren er binnen een half uurtje uit. Hij was niet boos, zag ook wat er speelde en ging akkoord met de prijs die ik had bedacht. Dat was de prijs waarvoor ik ook bereid was zelf mijn aandelen te verkopen. Het was de perfecte manier om afscheid te nemen.’

Na het vertrek van zijn compagnon heeft Menno eindelijk de middelen om te groeien. In de twee jaar die volgen verdrievoudigt zijn bedrijf. Een zakelijk bevrijding, noemt hij het. ‘Ik was toen niet hard genoeg, durfde niet in de spiegel te kijken en de consequenties te aanvaarden. Geld is voor mij niet heel belangrijk, dus ik ben bereid daar veel in te laten. Maar ik had de beslissing veel sneller kunnen en moeten nemen. Nu ben ik veel zakelijker. Ook opties die pijnlijk zijn, zijn opties. Ik heb geleerd dat je niet moet aanhikken tegen moeilijke beslissingen, want dat levert je veel negatieve dingen op. Ga confrontaties niet uit de weg. En belangrijker nog: denk niet voor een ander. Het blijkt toch meestal anders te liggen.’